Haaglandse Politie Sport Vereniging - afdeling Sportvissen 

Opgericht 1959

Wedstrijdreglement - Zoet

Art. 1 Iedere deelnemer wordt geacht dit reglement te kennen en stipt te zullen naleven.
 
Art. 2a De hengelkeuze is vrij.
 
Art. 2b Gevist dient te worden met één hengel, al dan niet voorzien van een dobber doch slechts een één-tandige haak. De totale hengellengte is maximaal 13 meter, doch de deelnemer mag bij gebruik van deze hengel de denkbeeldige lijn haaks op de oever die de begrenzing van zijn parcours vormt op generlei wijze overschrijden.
 
Art. 3a De keuze van het aas is vrij m.u.v. levend aas, stukjes vis, spinners e.d., aardappels, bloedwormpjes (vers de vase) en iedere vorm van gekleurde maden. Het voeren met genoemde aassoorten alsmede het feitelijk bezit daarvan is eveneens verboden. Onder levend aas wordt niet begrepen de worm  en de made. Imitaties van toegestane aassoorten, alsmede van vers de vase, zijn vrij met inachtneming van art. 3b.
 
Art. 3b Gesloten tijd m.b.t. het aassoort en vissoort (bijvoorbeeld baars) dient in acht te worden genomen.
 
Art. 4 Het gebruik van de voer/aaskatapult is verboden.
 
Art. 5 Het gebruik van een landingsnet is toegestaan.
 
Art. 6 Het is verboden in het water te gaan staan of vlonders of ander zitmateriaal te gebruiken, waarvan de voorkant bij aanvang van de wedstrijd de waterlijn bereikt dan wel beschadiging aan de oever toebrengt.
 
Art. 7 Is de deelnemer op de hem toegewezen plaats aangekomen dan mag hij zich gereedmaken voor de wedstrijd. Hij krijgt daartoe max. 90 minuten voorbereidingstijd.
 
Art. 8 De deelnemers mogen voor de wedstrijd niet voeren of lijnen, anders dan voor peilen of afstellen, in het water brengen, hebben of houden.
 
Art. 9 Gedurende de wedstrijd is er geen pauze.
 
Art. 10 Het tijdstip van aanvang en einde van de wedstrijd wordt voorafgaand aan de wedstrijd door de wedstrijdleiding kenbaar gemaakt. Tevens kan dit ook door het geven van een afgesproken luid signaal plaatsvinden.
Het 1e signaal geeft het begin van de wedstrijd aan, men mag voeren en hengelen.
Het 2e signaal geeft het einde van de wedstrijd aan.
 
Art. 11 Na het 2e signaal moeten de lijnen onmiddellijk uit het water worden gehaald. Vis die gehaakt is moet op het eindsignaal in het landingsnet(schepnet) liggen om mee te mogen tellen.
 
Art. 12 Gedurende de wedstrijd mag niet meer zwaar worden gevoerd (zgn. plonzen). Licht bijvoeren tijdens de wedstrijd is toegestaan. Maximaal per worp is toegestaan datgene, wat men met één hand in een beweging uit los lokvoer kan omvatten. Het bijvoeren door middel van het zogenaamde "cuppen" is toegestaan.
 
Art. 13 Een visser die de wedstrijd vroegtijdig staakt mag geen overtollig voer of aas in het water werpen voor het eindsignaal van de wedstrijd.
 
Art. 14 Er wordt gehengeld om het hoogste gewicht. Het totale gewicht van de door de deelnemer tijdens de wedstrijd gevangen vis bepaalt de wedstrijdklassering.
 
Art. 15 De deelnemer met het hoogste gewicht krijgt 1 punt, de volgende deelnemer 2 punten, etc. etc. Bij een gelijk gewicht krijgen de deelnemers een gelijk aantal punten en vervalt het volgende plaatsnummer. Indien een deelnemer geen vis vangt dan krijgt deze deelnemer het aantal punten van het aantal deelnemers + 2.
 
Art. 16 Alleen vis die voldoet aan de wettelijke maat, alsmede onbeschermde vis wordt gewogen, uitgezonderd snoek, snoekbaars en paling. Paling dient direct te worden teruggezet.
Daarbuiten is er nog een uitzondering voor ondermaatse baars buiten de gesloten tijd. Deze mogen levend bewaard worden in het leefnet en tellen mee voor weging bij de wedstrijden. Vervolgens dienen zij na de wedstrijd/na weging direct te worden teruggezet.
Voor de juiste wettelijke maten en gesloten tijden zie onderstaande tabellen aan het eind van dit reglement.
 
Art. 17 Voor het bewaren van vis mogen uitsluitend niet-metalen leefnetten worden gebruikt, welke een doorsnede van minimaal 40 cm en een lengte van minimaal 250 cm moeten hebben. Deze netten dienen gedurende de gehele wedstrijd en na de wedstrijd tot aan het tijdstip van weging voor en achter deugdelijk verankerd te zijn en zodanig opgesteld dat aan de vissen een maximale overlevingskans wordt geboden.
 
Art. 17a

Per leefnet is een maximum van 20 kg toegestaan. Wanneer zich een gewicht tussen 20 kg en 25 kg in het leefnet bevindt, telt maar 20 kg mee voor het totaalgewicht. Bij meer dan 25 kg in een leefnet betekent dit een 0 voor dat net. Het overzetten van vis van het ene naar het andere net is verboden.
 

Art. 18 De deelnemers dienen de gevangen vis zodanig te onthaken en te behandelen, dat geen verminking ontstaat en de vis onbeschadigd kan worden teruggezet. De ter weging aangeboden vis dient in een levende staat te verkeren. Overtreding van dit artikel kan tot diskwalificatie leiden.
 
Art. 19 Indien bij een deelnemer ondermaatse vis wordt aangetroffen bij het wegen, anders dan baars buiten de gesloten tijd, wordt de deelnemer 10 plaatsen terug gezet in de daguitslag van de wedstrijd. De ondermaatse vis komt niet voor de weging in aanmerking.
 
Art. 20 De weging aan het eind van de wedstrijd wordt gedaan door de twee vissers die de steknummers 1 en 2 geloot hebben. Bij het onbezet blijven van één van deze steknummers volgt de nummer 3 enz. Tevens kan de wedstrijdleiding in voorkomende gevallen bepalen dat de laatste twee vissers van het parcours eveneens de weging mede verrichten. Dit kan onder andere gebeuren bij een deelnemeraantal van 15 of meer vissers, in verband met de hoeveelheid van de vangst, in verband met de weersomstandigheden en overige door de wedstrijdleiding te bepalen gevallen.
 
Art. 21 Reclames over vergissingen bij puntentelling of klassering begaan, dienen direct ter plaatse door de deelnemers bij de wedstrijdleiding te worden ingediend.
 
Art. 22 Bij het verlaten van de visplaats moet de deelnemer zorgen dat hij deze schoon en netjes achterlaat.
 
Art. 23 Het parcours waar gevist wordt ligt zoveel mogelijk aanééngesloten in een rechte lijn en de visplaatsen dienen zoveel mogelijk gelijkwaardig te zijn. De beoordeling hiervan ligt bij de wedstrijdleiding.
 
Art. 24 De afstand tussen 2 (twee) deelnemers bedraagt in principe niet minder dan 12 meter en ten hoogste 15 meter. De genoemde afstanden zijn ter beoordeling van de wedstrijdleiding.
 
Art. 25 De wedstrijdleiding maakt de aanvangstijden van de wedstrijden tijdig bekend. Gevist wordt in principe tot 14.00 uur. Hiervan kan door de wedstrijdleiding afgeweken worden in verband met onvoorziene omstandigheden.
 
Art. 26 De plaatsnummers voor de deelnemers worden bepaald door loting. De loting vindt plaats voorafgaand aan de wedstrijd op de visplaats.
 
Art. 27 Het is de deelnemer verboden op een andere plaats te vissen als voor hem aangewezen / geloot. Hiervan kan, in overleg, door de wedstrijdleiding afgeweken worden.
 
Art. 28 Indien sprake is van een bootwedstrijd zijn de artikelen 23, 24, 26 en 27 niet van toepassing.
 
Art. 29 Voor de competitie wordt een schema gemaakt met de data waarop gevist wordt alsmede met een voorlopige keuze van de viswateren. Dit schema wordt in de jaarvergadering aan de leden voorgelegd en besproken. Hierbij kunnen in samenspraak met de leden aanpassingen in het schema aangebracht worden.
 
Art. 30 Kampioen van de competitie is de visser met het minst aantal punten. Bij een gelijk aantal punten is het totaalgewicht bepalend. Indien dit ook gelijk is wordt gekeken naar de meeste 1e plaatsen in de tellende wedstrijden, daarna naar de meeste 2e plaatsen, enz. enz. Indien dit ook gelijk is wordt gekeken naar het hoogste daggewicht in de tellende wedstrijden. Indien dit ook gelijk is volgt loting.
 
Art. 31 Men moet minstens de helft +1 wedstrijd van de competitiewedstrijden gevist hebben om in het eindklassement van de competitie opgenomen te worden en recht te hebben op een prijs. De beste resultaten over dit aantal benodigde wedstrijden tellen voor de eindstand.
 
Art. 32 Iedere deelnemer draagt zelf zorg voor de benodigde wettelijke – en verenigingsvergunningen van het water waarin gevist wordt.
 
Art. 33 Iedere deelnemer dient zich aan alle wettelijke bepalingen te houden.
 
Art. 34 Onvoorziene omstandigheden (b.v. bezet viswater) en extreme weersomstandigheden (b.v. storm, onweer) kunnen leiden tot afwijking van de vastgestelde visplaats dan wel het afbreken van reeds begonnen wedstrijden. Alleen de wedstrijdleiding beslist hierover. Er is geen vast van tevoren bepaalde uitwijklocatie. Per situatie zal de wedstrijdleiding beslissen.
 
Art. 35 Onweer kan altijd reden tot (tijdelijk) stopzetten van de wedstrijd zijn.
 
Art. 36 Bij wedstrijden die worden afgebroken geldt, dat de wedstrijd en dus ook de vangst wordt geteld indien de wedstrijd voor meer dan 2/3 is gevist. In andere gevallen wordt de wedstrijd dus als niet gevist beschouwd.
 
Art. 37 Een ieder die handelt in strijd met dit reglement kan voor verdere deelneming aan de wedstrijd en/of puntentoekenning worden uitgesloten.
 
Art. 38 De HPSV-Sportvissen aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor ongevallen, schade of letsel, van welke aard ook, aan één of meerdere deelnemers dan wel voor schade aan eigendommen van derden door diefstal, verlies, beschadiging of op andere wijze.
 
Art. 39 Iedere deelnemer is aansprakelijk voor de door hem aangerichte schade toegebracht aan derden.
 
Art. 40 In gevallen waarin dit reglement niet voorziet beslist de wedstrijdleiding.
 

 

 

Tabel wettelijke minimummaten en tijden :

Vissoort Maat Gesloten tijd
Aal/Paling 28 cm Terugzetplicht
Baars 22 cm Ja
Barbeel 30 cm Ja
Bot 20 cm  
Forel (Beek-, Regenboog- en Bronforel) 25 cm Ja (alleen voor Beekforel)
Kopvoorn 30 cm Ja
Rivierprik 20 cm Ja
Zeelt 25 cm  

 

Gesloten tijd Vissoorten
1 maart tot de laatste zaterdag in mei Snoek
1 april tot de laatste zaterdag in mei Snoekbaars en Baars
1 april t/m 31 mei Barbeel, Kopvoorn en Winde
1 november t/m 31 januari en 1 maart t/m 30 april Rivierprik
1 oktober t/m 31 maart Beekforel
Het gehele jaar
 
Zeeforel, Zalm, Elft, Fint, Kwabaal, Serpeling, Sneep, Vlagzalm, Zeeprik en Meerval